jtemplate.ru - free extensions for joomla

Worsteling

 



Met mijn winkelwagentje loop ik langs de schappen. Verdorie, ik ben mijn briefje vergeten, het ligt nog op het aanrecht. Mijn blik blijft hangen bij de krielaardappeltjes in de koeling. Niet doen, gebakken aardappeltjes zijn te vet. Maar als ik dan een pakje van 450 gram neem in plaats van 600 gram, dat scheelt weer. Het kleinere pakje verhuist naar de winkelwagen. Mijn blik glijdt langs de toetjes. Ik moet de magere yoghurt nemen, dat heb ik mij voorgenomen. Maar de eenpersoons puddinkjes met slagroom glimlachen naar me. Ik kies voor de middenweg: een pak vanilleyoghurt.

Toen ik acht jaar was, werd ik mollig. Aanvankelijk zag ik er schattig uit, maar al snel moest ik gaan letten op wat ik at. En met name op de hoeveelheden, ik at te veel. Ik had altijd honger. Mijn moeder zei steevast aan het einde van de maaltijd: Kom, iedereen nog een beetje, dan is de pan leeg. Ik wilde altijd nog wel een beetje, maar dan zei mijn vader: Eet niet zoveel, je wordt steeds dikker. Eten werd zo met tegenstrijdigheden omgeven en keuzes maken werd steeds moeilijker. Mijn ouders maakten vaak opmerkingen over mijn omvang, terwijl ik nu weet dat dit erg meeviel. Toen ik zestien was woog ik 63 kilo. Mijn vriendin van de Mulo had precies hetzelfde gewicht. We vonden onszelf te dik.

Welk vlees neemik bij de gebakken aardappeltjes? Gepaneerde kip vind ik het lekkerst,maar paneermeel zuigt de olie zo op bij het bakken en is daardoor nogal vet. Weet je het zeker? Nou ja, de laatste dagen at ik zo gezond dat het vandaag wel even mag. De gepaneerde kip verdwijnt in het winkelwagentje. Thuis liggen nog een paar tomaten, een komkommer erbij is genoeg. Daar maak ik een Griekse salade van, met zachte kaas en olijven. Ik neem ook nog een pakje groenteburgers mee. Het voelt goed om een paar keer per week geen vlees te eten, dat is gezond en ondersteunt de duurzaamheidsgedachte.

Op mijn zestiende had ik mijn eerste vriendje. Samen met hem sta ik op een aantal fotos. Ik zie er prima uit. En altijd die opmerkingen thuis over mijn gewicht. Mijn zelfvertrouwen over mijn uiterlijk daalde in die tijd tot het nulpunt. Op mijn achttiende ontmoette ik de man met wie ik zou gaan trouwen. Hij vond mij helemaal niet dik. Hij vond mij mooi. Inmiddels was ik totaal afhankelijk geworden van wat anderen vonden van en zeiden over mijn gewicht. Dat hij mij mooi vond was daarom heel belangrijk. Maar hij woog slechts 52 kilo. Hij kon alles eten en zoveel hij wilde, hij kwam niet aan. Als ik weer eens een paar kilo was aangekomen voelde ik mij naast hem vaak een olifant. Toen wij trouwden was ik eenentwintig, woog ik nog steeds 63 kilo en zag ik er goed uit.

Broodbeleg. Het beste zijn natuurlijk kipfilet en rookvlees, licht gezouten. Ik neem cervelaatworst (extra mager) en gegrilde ham. Dan leg ik het maar iets minder dik op het brood, dan is het toch nog goed. Ik aarzel bij de Franse kaasjes en bekijk een stukje van elke soort Brie. Allemaal 60+. Kan natuurlijk niet, nu ik zo goed met de 30+ bezig ben. Ik loop even langs de vitrine met gebak. Alleen maar om te kijken. Hier moet ik sterk zijn. Nee, ook geen halve vlaai. Ik loop door, trots dat ik het gebak heb weerstaan. Waarom doe ik mijzelf dit aan? Ik neem twee chocoladecroissants, dat mag.

Tijdens mijn huwelijk bleef mijn gewicht op en neer gaan, maar de extreem dunne echtgenoot naast mij gaf mij de eerste jaren de stimulans om redelijk op gewicht te blijven. Ik werkte als onderwijzeres en vijf jaar later ging ik studeren aan de universiteit in Utrecht. Mijn gewicht bleef schommelen, soms een beetje en dan weer was ik meerdere kilos zwaarder. Ik volgde het ene dieet na het andere, waarvan het Dr Atkins-dieet het meest succesvol was. Dat was een dieet dat vrijwel alleen uit eiwitten bestond en waarvan je snel afviel. Ik maakte er mijn eigen dieet van door groenten toe te voegen aan de eiwitten. Daardoor was het een stuk gezonder en viel ik toch af.

Zal ik een paar harde broodjes nemen? Die hebben wel meer calorieёn dan gewoon brood. Toch maar niet, neem maar een gewoon volkoren brood. Ik ben gek op soep. Het liefst maak ik zelf soep, maaltijdsoep. En daar dan een paar harde broodjes bij, heerlijk. Maar de laatste tijd aarzel ik als ik aan soep denk. Het is een gerecht met veel zout en dat is weer slecht voor de bloeddruk, die toch al te hoog is. Als ik een paar kilo afval gaat de bloeddruk όok naar beneden. Waarom dόe ik dat niet gewoon?

Rond mijn veertigste kwam ik meerdere kilos aan. Een paar jaar later bleek, dat de werking van mijn schildklier na een ontsteking was vertraagd en er te weinig schildklierhormoon werd geproduceerd. Hoe lang dat al zo was werd niet duidelijk. Nόg een paar jaar later werkte de schildklier helemaal niet meer. En een langzame en stilstaande schildklier zorgt voor een vertraagde stofwisseling en dus voor een groot risico op dik worden. Sindsdien draait mijn stofwisseling op medicijnen. Toen ik vierenveertig was besloot ik niet meer aan een relatie te beginnen. Ik was inmiddels gescheiden, woonde een aantal jaren samen en had bovendien een paar nare ervaringen met relaties achter de rug. En ik was graag alleen. Ik denk dat ik na dit besluit echt dikker werd. Het kon me niet meer zoveel schelen. En de niet werkende schildklier was een prima excuus.

Ik neem toch maar een pakje koekjes mee. Stel dat er iemand langskomt en ik niet eens een koekje kan presenteren bij de koffie. Dit is overmacht, je kunt niet zonder een koekje in huis. Ik zei wel eens tegen bezoek, dat ik alleen ontbijtkoek in huis had, maar die werd meteen beleefd afgeslagen. Het ergste is het als het pakje open is en de koekjes in de koektrommel liggen, omdat er iemand op bezoek is geweest. Dan is het net alsof de koektrommel leeft en mij roept.

Toen ik zesenvijftig was vond ik het welletjes en begon ik opnieuw te lijnen. Dit keer door gewoon gezond te eten en mijzelf een gezonde leefstijl aan te leren. Het lukte en in anderhalf jaar verloor ik vijfentwintig kilo. Ik was dolgelukkig. Door het langzame tempo waarin ik was afgevallen zou ik de gezonde leefstijl gemakkelijk kunnen volhouden. Dat werd tenminste algemeen aangenomen. Ik had er het vόlste vertrouwen in!

Toen overleed mijn vader. Ik was altijd al een emotie-eter. Nu lukte het mij niet meer de aandacht bij de gezonde leefstijl te houden. Binnen een jaar zaten de kilos er weer aan en meer. Nu ben ik drieёnzestig en nog steeds worstel ik met mijn gewicht. Vanwege mijn gezondheid moet ik eigenlijk afvallen. Ik kan de medicijnen tegen hoge bloeddruk niet verdragen, dus misschien is dat een stimulans om de gezonde leefstijl opnieuw in mijn leven in te voeren. In het verzorgingshuis zeggen medebewoners tegen mijn moeder, dat zij zon flinke dochter heeft. Ik ben achterdochtig en denk dat ze een dikke dochter bedoelen.

Ojee, de snackafdeling. Gelukkig kan ik inmiddels van de chips afblijven, wel na een jarenlange worsteling. Ik neem een zakje Japanse rijstzoutjes, die lijken minder calorieёn te bevatten. Ik weet dat het niet zozeer gaat om wat ik eet, maar om hoeveel ik daarvan eet. Wat maakt maat houden toch zo moeilijk? De diepvrieskasten met ijs. Oh, wat ben ik gek op ijs. Het is zomer en we hebben een hittegolf. Mag een mens dan een ijsje? Mijn lievelingsijs, roomijs met walnoten, is er niet meer. Ik neem Stracciatella-ijs en besluit geen slagroom te nemen. Dan doe ik er toch gewoon een scheutje koffielikeur op!


xxxx

Philo Franssen 25-07-2013

 

 

25
-
07
-2013
Philo Franssen

 

 

 

blog philo franssen